Ruimte
Een inloopdouche heeft geen deur die het water tegenhoudt. Daarom heeft hij wat meer ruimte nodig dan een douchecabine, zodat het water binnen de douchezone blijft. Hoe kleiner de ruimte, hoe belangrijker de plek van de glazen wand en de douchekop.
Afschot en afvoer
Zonder drempel moet het water via de vloer naar de afvoer lopen. Daarvoor krijgt de vloer een licht afschot. Een douchegoot langs de wand maakt het mogelijk om grote tegels te gebruiken die maar in één richting aflopen; een putje in het midden vraagt om een afschot in meerdere richtingen.
Het afschot moet zo zijn dat het water goed wegloopt, zonder dat het hoogteverschil hinderlijk wordt. Dat is precisiewerk, en het moet goed zijn voordat er één tegel ligt.
Waterdicht maken
Onder de tegels in de douchezone komt een waterdichte laag, met extra afdichting in de hoeken, rond de afvoer en bij de leidingen. Tegels en voegen zelf zijn namelijk niet waterdicht.
De glazen wand
Een vaste glazen wand is het meest gekozen. Let op de breedte, de hoogte en de manier van bevestigen. Een wand met een stabilisatiestang naar het plafond of de muur staat steviger. Zwarte of gouden profielen geven een andere uitstraling dan helder glas zonder profiel.
Tegels
Kies op de vloer van de douche een tegel die niet glad wordt als hij nat is. Grote tegels geven rust, maar vragen om een goede afschotoplossing; daar past een douchegoot vaak beter bij. Op de wand kunt u vrijer kiezen, en een ingebouwde nis voorkomt losse rekjes.
Ventilatie
Omdat een inloopdouche open is, verspreidt de vochtige lucht zich door de hele badkamer. Goede ventilatie is daarom belangrijk, zodat vocht snel weg is en er geen schimmel ontstaat.
Wilt u een inloopdouche in uw badkamer? Lees hoe wij een badkamer renovatie in Amsterdam aanpakken.
